Belang Digitalisering
Digitalisering en de digitale economie
Een eensluidende definitie over wat de digitale economie is, bestaat niet. Veelal wordt er gekeken naar een combinatie van sectoren die gezamenlijk worden bestempeld als de digitale sector, ICT-sector of informatiesector. Ook beschrijvingen in relatie tot businessmodellen zoals internet commerce, e-commerce en e-business worden als synoniem van de digitale economie gezien.
Wat is de digitale economie
De verschillende definites van de digitale economie
Benaming | Organisatie/auteur | Definitie digitale economie |
---|---|---|
Digital Economy | European Commission | An economy based on digital technologies (sometimes called the internet economy) |
Digital Economy | European Parliament | A complex structure of several levels/layers connected with each other by an almost endless and always growing number of nodes. Platforms are stacked on each other allowing for multiple routes to reach end-users and making it difficult to exclude certain players, i.e. competitors |
Digital Economy | Deloitte | The economic activity that results from billions of everyday online connections among people, businesses, devices, data, and processes. The backbone of the digital economy is hyperconnectivity which means growing interconnectedness of people, organisations, and machines that results from the Internet, mobile technology and the internet of things (IoT). |
Digital economy | IDC | % of GDP from companies that are digitally transformed (survey driven) |
Digital economy | Don Tapscott | Age of Networked Intelligence where it is “not only about the networking of technology… smart machines… but about the networking of humans through technology” that “combine intelligence, knowledge, and creativity for reakthroughs in the creation of wealth and social development”. |
Digital economy | Lane | The convergence of computing and Internet and the resulting flow of information and technology that is stimulating electronic commerce and vast organisational changes |
Digital economy | Mergherio et al. | Building out the Internet … Electronic commerce among businesses … Digital delivery of good and services … Retail sale of tangible goods |
Digital Economy | ESRC (Economic and Social Research Council) | That part of economic output derived solely or primarily from digital technologies with a business model based on digital goods or services |
Digitalised Economy | ESRC | Use of ICT in all economic fields |
Information Economy | Brynjolfsson & Kahin | Digital economy refers specifically to the recent and still largely unrealized transformation of all sectors of the economy by the computer-enabled digitization of information |
Internet Economy | Boston Consulting Group | The share of GDP that consists of online consumption and purchases, of investments in internet capacity and of net exports of internet services and products |
Internet Economy | McKinsey | Sum of activities from Internet related services, Telecommunications related to the Internet, Software and Services, Hardware |
Internet Economy | OECD | The digital economy enables and executes the trade of goods and services through electronic commerce on the Internet |
ICT Economy | CBS | The businesses which according to the Standard Industrial Classification (SIC) belong to category 26: ICT industry, 46: wholesale ICT equipment and 582, 61, 62, 63 and 95: collectively, the ICT service sector |
Het success van digitalisering
Ondanks de verscheidenheid aan definities en interpretaties van wat de digitale economie is, moet het wel meetbaar zijn. Hiervoor worden een aantal benaderingen gehanteerd.
Het vaststellen van de omzetwaarde of transactiewaarde vormt een indicatie t.a.v. het belang van digitalisering voor de economie. De sectorbenadering baseert de ICT-, IT- of digitale sector veelal op de resultaten van een aantal activiteiten die geclassificeerd worden volgens de standaard bedrijfsindeling (SBI). Deze indeling, gemaakt door het Centraal Bureau voor Statistiek, verandert niet vaak waardoor het soms onduidelijk is waar relatief nieuwe activiteiten onder worden geschaard. Zo zijn datacenterdiensten en hostingdiensten, webdiensten, en e-commerce diensten niet expliciet in de indeling terug te vinden. Dit maakt het lastig om de groei van deze activiteiten in perspectief te plaatsen. Ook kan onder invloed van digitalisering de oorspronkelijke kernactiviteit van een bedrijf veranderen van bijvoorbeeld een fysiek product naar een digitale dienst: is Uber een taxibedrijf of een digitale marktplaats voor vervoer?
De transactiebenadering als indicator voor de impact van digitalisering geeft een goede indruk van de omvang en de adoptiesnelheid waarmee fenomenen als e-commerce en datadiensten groeien.
Een combinatie van beide benaderingen komt ook voor; hier worden sector omzet en transactievolumes opgeteld om een completer beeld te creëren van de economische resultaten van digitalisering.
De groeiverwachtingen van de ICT-sector en digitale sector liggen 1,5 tot 3 keer zo hoog als de CPB-groeiverwachting t.a.v. het BBP. Weliswaar ligt de groei van de ‘traditionele’ ICT-sector (Hardware, Software, IT-diensten en Telecommunicatiediensten) wel op het niveau van de groei van het BNP, maar de groei van webdiensten, e-commerce diensten, hostingdiensten, content diensten en digitale platforms ligt hier ruim boven.
Consumer e-commerce groeide de afgelopen jaren met dubbele cijfers. In 2018 en 2019 zakt het groeitempo naar circa 5% tot een transactievolume van respectievelijk €24 en
€25 miljard. (SAP Ecommerce Foundation, 2019). Het aandeel van de digitale sector in het BBP is inmiddels gestegen naar 4,7%.
Verwachte Gemiddelde Jaarlijkse Groei | % |
---|---|
BBP 2018 – 2025 | 1,7% |
ICT sector (bestedingen) | 2,7% |
Digitale sector (omzet) | 4,2% |
Benaming | Waarde |
---|---|
ICT sector (besteding) | € 35 Mld |
IT sector (omzet) | € 95 Mld |
Digitale infrastructuur sector | € 6 Mld |
B2C e-commerce | € 24 Mld |
B2B e-commerce | € 108 Mld |
Bruto Binnenlands Product 2018 | € 693 Mld |
Economische bijdrage
Bijdrage aan de werkgelegenheid
De impact van digitalisering op de Nederlandse economie kan gezien worden als een combinatie van de omvang en groei van de faciliterende sectoren (IT, telecommunicatie, digitale infrastructuur, IT-dienstverlening, hosting, web, datacenter, e-commerce e.d.). Ook kan de impact worden gezien als de toegevoegde waarde van digitalisering op de gehele economie. Samen vormen zij de digitaal toegevoegde waarde. De intensiteit waarmee gebruik wordt gemaakt van digitale technologieën door de werkzame beroepsbevolking is hierbij bepalend.
In 2017 onderzocht The METISfiles voor NL Digital de ICT-intensiteit van de Nederlandse werkzame beroepsbevolking voor 262 branches in 12 functiegebieden. De uitkomst van dit onderzoek liet zien welk percentage van de werkzame beroepsbevolking voor meer dan 50% van hun tijd gebruik maakt van ICT voor het uitoefenen van hun taak. Dit deel vormt de digitale beroepsbevolking. De omvang hiervan bedroeg in 2019 25% van de werkzame beroepsbevolking.
Voor 2020 wordt verwacht dat 26,5% van de totale beroepsbevolking digitaal gedreven zal zijn. Op basis van de structuur van de huidige economie zal de omvang van de digitale beroepsbevolking doorgroeien naar 2,9 miljoen in 2025, circa 36% van de totale beroepsbevolking.
De groei van de digitale beroepsbevolking kan worden versterkt bij een snelle adoptie van nieuwe technologieën als AI, machine-learning, 3D-printing, sensor-technologie.
Bijdrage aan het BBP
Naast het vaststellen van de digitale intensiteit is er ook de vraag wat digitalisering toevoegt aan de Nederlandse economie. Ofwel, welk deel van de toegevoegde waarde van de Nederlandse economie kan er op het conto van de eerdergenoemde 2 miljoen digitaal- intensieve werkzame personen worden geschreven? En hoeveel bedraagt de digitaal toegevoegde waarde? Literatuur suggereert dat de productiviteit van digitaal-intensieve beroepen hoger ligt dan die van ‘analoge’ beroepen.
Een eenduidig bewijs is er echter niet. Een studie van het CBS stelde dat ICT-intensieve sectoren een 18% hogere beloning geven aan hun medewerkers. Bovendien wordt deze 18% premium ICT-beloning al 5 jaar lang gemeten. Ook andere studies naar beloningsstructuren laten een premium zien voor digitaal-intensieve beroepen. Wel zijn er sterke verschillen per sector. De premium beloning voor digitale-intensieve beroepen en sectoren vertaalt zich in een hogere toegevoegde waarde per werkzame persoon.
Voor het berekenen van de digitaal toegevoegde waarde is gebruik gemaakt van de jaarlijkse, door het CBS geproduceerde, tabellen over de input en output voor 81 sectoren. De digitaal toegevoegde waarde wordt berekend door het totaal van de beloningen en sociale premies te relateren aan de digitale intensiteit en de gecorrigeerde ICT-beloningspremium. Het totaal van de digitaal toegevoegde waarde over alle 81 sectoren in 2019 bedraagt €242 miljard. Dit is ruim 33% van alle in Nederland toegevoegde waarde in 2019.
De digitale voetafdruk
In studies over de functie van luchthaven Schiphol en havengebied Europoort voor de Nederlandse economie wordt vaak gewezen op de uitstralingseffecten in termen van werkgelegenheid en toegevoegde waarde. Daarbij wordt onderscheid gemaakt naar de directe, indirecte en geïnduceerde bijdrage. Deze effecten (het Schiphol en Rotterdam effect) ontstaan door de aantrekkingskracht die deze mainports uitoefenen op de vestiging van gerelateerde bedrijven en activiteiten. Ze worden geschaard onder de “bredere economische effecten” van een mainport op de regio.
- Het directe effect op de werkgelegenheid en toegevoegde waarde.
- Het indirecte effect op de werkgelegenheid en toegevoegde waarde van sectoren die leveren aan de sector waar de mate van digitalisering toeneemt (supply-chain effect).
- Het afgeleide effect op werkgelegenheid en toegevoegde waarde als gevolg van de groei van consumptieve bestedingen ontstaan door het directe en indirecte effect.
Toegevoegde waarde per sector
Impact digitalisering op de toegevoegde waarde per sector 2019 (€ miljard)
Werkzame beroepsbevolking per sector
Het dienstverlenende karakter van de Nederlandse economie wordt weerspiegeld in de werkzame digitale beroepsbevolking. De zakelijke dienstverlening laat de grootste voetafdruk zien bij de werkgelegenheids- effecten van digitalisering. Van het totale digitaliseringseffect van ruim 3,1 miljoen werkzame personen is de zakelijke dienstverlening voor meer dan een kwart verantwoordelijk.
Naast deze sector leveren ook de financiële dienstverlening en ICT-sector een belangrijke bijdrage aan de totale voetafdruk. Gezamenlijk zijn de drie sectoren goed voor 43% van het totale werkgelegenheidseffect. Het totale werkgelegenheidseffect van de primaire sector (landbouw en mijnbouw) vormt minder dan 1% van de totale voetafdruk.
Digitalisering is goed voor Nederland
In een studie van het CBS uit 2017 ‘Digitalisering en Arbeid’ wordt over een periode van 15 jaar ICT-intensiteit afgezet tegen productiviteit en beloning. De resultaten laten zien dat digitalisering tot een substantieel hogere productiviteit leidt in ICT-intensieve sectoren. Ook beloning voor de werkzame personen in de ICT-intensieve sectoren lag substantieel hoger dan het gemiddelde beloningsniveau voor alle sectoren.
Hogere productiviteit (2001-2015)
61% verhoging in de ICT sector
21% verhoging in ICT intensieve sectoren
7% verhoging in ICT luwe sectoren
Hogere beloning (2001-2015)
43% hoger dan gemiddeld in de ICT sector
18% hoger dan gemiddeld in ICT intensieve sectoren
Nederland is goed in digitalisering
De bijdrage die digitalisering daadwerkelijk levert aan het BBP hangt sterk samen met een aantal basisvoorwaarden. Deze basisvoorwaarden hebben betrekking op factoren die de ontwikkeling van een digitale economie in positieve zin beïnvloeden: de aanwezigheid van een beroepsbevolking met de juiste digitale vaardigheden, een goede digitale infrastructuur, een gunstig economisch klimaat, toegang tot digitale netwerken, wetgeving, e.d. Verschillende organisaties hebben op diverse manieren naar deze basisvoorwaarden gekeken om zo een internationale vergelijking te kunnen maken.
In dit soort studies wordt via één cijfer inzichtelijk gemaakt waar een land staat in het digitaal-economisch spectrum. Nederland staat in deze index studies vrijwel altijd in de top-10. Dit geeft aan dat de uitgangspositie van Nederland in het internationale digitale perspectief uitstekend is. Gemeenschappelijke factoren voor de hoge rankings worden gevormd door een goede connectiviteit, de aanwezigheid van digitale vaardigheden en het open en stabiele karakter van de economie.
Nederland in internationaal perspectief | jaar | plaats |
---|---|---|
B2C e-commerce Index | 2018 | 1e |
Digital Economy and Society Index | 2018 | 3e |
Global Competitiveness Index 4.0 | 2019 | 4e |
World Digital Competitiveness Index | 2019 | 6e |
ICT Development Index | 2018 | 7e |
Digital Evolution Index 12e | 2017 | 2017 |
Eén van de internationale vergelijkingsstudies waarop Nederland hoog scoort is de Digital Economy and Society Index (DESI) van de Europese Unie. Dit is een samengestelde index van indicatoren die enerzijds de digitale prestaties per land meet en anderzijds inzicht biedt in hoe landen zich verhouden en ontwikkelen in het internationale digitale concurrentieveld. Samen met Finland, Zweden en Denemarken vormt.
Nederland de kopgroep van landen op het gebied van digitalisering. De enige categorie waar Nederland niet in de kopgroep zit, is in de categorie ‘human capital’. Hier blijkt een krapte op de arbeidsmarkt m.b.t. ICT- specialisten en ICT-afgestudeerden ten opzichte van de koplopers Finland, Zweden en Estland. Overigens ligt de human capital score van Nederland wel boven het EU28 gemiddelde.
Hoewel de positie van de Nederlandse digitale economie sterk is, waarschuwt The Fletcher School of Economics westerse economieën voor de wet van de remmende voorsprong. De Nordics, Benelux, maar ook de U.S. en Canada, dreigen achterop te raken ten opzichte van met name Aziatische landen door een gebrek aan innovatiesnelheid.
Digital Economy and Society Index (DESI) 2019
Digitalisering en overheidsbeleid
Overheden en beleidsmakers onderkennen het belang van digitalisering en de fundamentele bijdrage die deze levert aan economie en maatschappij.
In veel landen zoals bijvoorbeeld Groot- Brittannië, België, Frankrijk en Duitsland, maar ook in Nederland wordt specifiek beleid ontwikkeld om een omgeving te creëren waarin digitaliseringskansen optimaal kunnen worden benut. In de Digitaliseringsstrategie 2.0 zet de Nederlandse overheid in op drie ambities: digitaal koploper worden in Europa, digitale inclusie (iedereen moet meedoen) en digitale veiligheid & privacy. De strategie en de projecten die hieruit voortvloeien
missen echter belangrijke componenten. Zo wordt wel over het belang van connectiviteit gesproken maar blijft de rest van het digitale fundament (datacenters en cloud- en hostingbedrijven) achter. Dit terwijl deze factoren evenzeer de motor van de digitale economie zijn. Ook wordt er in de nota op het gebied van connectiviteit een sterke focus gelegd op 5G en glasvezel maar blijft de belangrijke rol en dynamiek van internationale datalijnen (zeekabels) buiten beschouwing. De Amsterdam Internet Exchange (AMS- IX) wordt in de nota niet genoemd terwijl het een cruciaal onderdeel is van de digitale infrastructuur.
Land | Jaar | Titel digitale strategienota |
---|---|---|
Nederland | 2019 | Digitaliseringsstrategie 2.0 |
Groot Brittannië | 2017 | UK Digital Strategy |
Belgie | 2018 | Belgium Digital |
Duitsland | 2019 | Digitalisierung gestalten: Umsetzungsstrategie der Bundesregierung |
Frankrijk | 2017 | Stratégie Internationale de la France pour le numerique |
Denmark | 2016 | A stronger and more secure Digital Denmark |
Zweden | 2017 | For a sustainable digital transformation in Sweden – a Digital Strategy |
Finland | 2018 | Digital infrastructure strategy: Turning Finland into the world leader in communications networks |
In de digitaliseringsstrategie van de Nederlandse overheid wordt zwaar ingezet op ‘Smart Industry’. Het doel van deze agenda is om de hoogwaardige digitale infrastructuur in Nederland te benutten voor de digitale transformatie van de industrie via publieke/ private samenwerkingsverbanden tussen netwerken en clusters.Tot 2017 werd in totaal € 163 miljoen in dit initiatief geïnvesteerd.
De focus op Smart Industry heeft zich o.a. vertaald in de oprichting van 35 Smart Industry Fieldlabs voor het huisvesten van productiefaciliteiten. Daarnaast zijn ook vijf regionale Smart Industry Hubs opgericht met als doel samenwerking te entameren tussen bedrijven en organisaties uit een breder spectrum van de industrie.
- Het MKB moet kunnen deelnemen aan de fieldlabs en profiteren van de kennis die daar wordt opgedaan.
- Ontwikkeling van kennis en vaardigheden bij werknemers m.b.t. Smart Industry technologieën.
- Bevorderen van een efficiënte en veilige samenwerking in de keten.
Digitale transformatie
Als de digitale economie de bestemming is, dan is digitale transformatie de reis er naartoe. Digitale transformatie is het strategisch inzetten van digitalisering in alle onderdelen van een organisatie om zakelijke processen en klantervaringen fundamenteel te verbeteren en op een juiste manier omgaan met veranderende marktomstandigheden. De groeiende datastromen die hiervan het gevolg zijn, leveren op hun beurt weer de input om klantervaring en bedrijfsvoering te optimaliseren. De noodzaak tot digitale transformatie is bedrijven duidelijk: ‘if you are not at the table you are on the menu’.
Nederlandse bedrijven scoren in Europa het hoogst wat betreft digital transformation enablement: een door de EC samengestelde sub-index van de DESI met indicatoren over digitale infrastructuur, investeringen en toegang tot kapitaal, vraag en aanbod van digitale kennis en kunde, digitaal leiderschap en ondernemerscultuur.
Het digitale economiemodel
Eén manier om naar de digitale economie te kijken is om deze als een model te beschrijven met daarin de actoren, subjecten en context. Dit model van de digitale economie is opgebouwd als een gelaagde keten waarbinnen onderscheid wordt gemaakt tussen sectoren en componenten die digitale infrastructuur beschikbaar stellen, digitale diensten creëren, en/of digitale diensten/ infrastructuur afnemen. De digitale infrastructuur (digital delivery) bestaat uit de handelswaar data, de netwerksector, de datacentersector en de cloud- en hostingsector.
Digitale diensten worden gecreëerd door software en digitale bedrijven (digital creation). Digitale data, infrastructuur en diensten worden afgenomen door het bedrijfsleven, de consument, en de overheid (digital consumption). Dit gebeurt onder andere door middel van het koppelen van on-premise IT-infrastructuur en apparaten zoals smartphones, tablets en sensoren met cloud computing en SaaS aanbieders.