Belang Digitalisering

Digitalisering en de digitale economie

Economen hebben er een uitdrukking voor : General Purpose Technology (GPT). Digitalisering is zo’n Algemeen Toepasbare Technologie (ATT) waarvan het gebruik leidt tot nieuwe activiteiten en innovatie van bestaande activiteiten. Voorbeelden hiervan zijn Marktplaats, Peerby, Uber en AirBnB. Het effect van deze nieuwe diensten is vaak sectoroverstijgend.Daarnaast bezit digitalisering het unieke vermogen zichzelf te innoveren. Technologieën als Artifical Intelligence (AI), machine-learning, data analytics, 3D printing en sensortechnologie hebben de mogelijkheid om weer tot nieuwe technologieën te komen.
De impact van digitalisering kan niet worden onderschat: het doet zijn invloed gelden tot in de haarvaten van onze samenleving. Het leidt tot een constante stroom van innovaties bij het bedrijfsleven, de overheid en de consument. Met name innovaties op het gebied van bedrijfs- en productieprocessen, product- en dienstenontwikkeling en nieuwe verdienmodellen zorgen ervoor dat de impact van digitalisering steeds bepalender wordt als aanjager van een transformerende economie.

Een eensluidende definitie over wat de digitale economie is, bestaat niet. Veelal wordt er gekeken naar een combinatie van sectoren die gezamenlijk worden bestempeld als de digitale sector, ICT-sector of informatiesector. Ook beschrijvingen in relatie tot businessmodellen zoals internet commerce, e-commerce en e-business worden als synoniem van de digitale economie gezien. 

Bron: DFKI

Wat is de digitale economie

De verschillende definites van de digitale economie

BenamingOrganisatie/auteurDefinitie digitale economie
Digital EconomyEuropean CommissionAn economy based on digital technologies (sometimes called the internet economy)
Digital EconomyEuropean ParliamentA complex structure of several levels/layers connected with each other by an almost endless and always growing number of nodes. Platforms are stacked on each
other allowing for multiple routes to reach end-users and making it difficult to exclude certain players, i.e. competitors
Digital EconomyDeloitteThe economic activity that results from billions of everyday online connections among people, businesses, devices, data, and processes. The backbone of the digital
economy is hyperconnectivity which means growing interconnectedness of people, organisations, and machines that results from the Internet, mobile technology and
the internet of things (IoT).
Digital economyIDC% of GDP from companies that are digitally transformed (survey driven)
Digital economyDon TapscottAge of Networked Intelligence where it is “not only about the networking of technology… smart machines… but about the networking of humans through technology” that “combine intelligence, knowledge, and creativity for reakthroughs in the creation of wealth and social development”.
Digital economyLaneThe convergence of computing and Internet and the resulting flow of information and technology that is stimulating electronic commerce and vast organisational
changes
Digital economyMergherio et al.Building out the Internet … Electronic commerce among businesses … Digital delivery of good and services … Retail sale of tangible goods
Digital EconomyESRC (Economic and Social Research Council)That part of economic output derived solely or primarily from digital technologies with a business model based on digital goods or services
Digitalised EconomyESRCUse of ICT in all economic fields
Information EconomyBrynjolfsson & KahinDigital economy refers specifically to the recent and still largely unrealized transformation of all sectors of the economy by the computer-enabled digitization of information
Internet EconomyBoston Consulting GroupThe share of GDP that consists of online consumption and purchases, of investments in internet capacity and of net exports of internet services and products
Internet EconomyMcKinseySum of activities from Internet related services, Telecommunications related to the Internet, Software and Services, Hardware
Internet EconomyOECDThe digital economy enables and executes the trade of goods and services through electronic commerce on the Internet
ICT EconomyCBSThe businesses which according to the Standard Industrial Classification (SIC) belong to category 26: ICT industry, 46: wholesale ICT equipment and 582, 61, 62, 63 and 95: collectively, the ICT service sector
Meer lezen
Bron: The METISfiles 2020

Het success van digitalisering

Ondanks de verscheidenheid aan definities en interpretaties van wat de digitale economie is, moet het wel meetbaar zijn. Hiervoor worden een aantal benaderingen gehanteerd.

Het vaststellen van de omzetwaarde of transactiewaarde vormt een indicatie t.a.v. het belang van digitalisering voor de economie. De sectorbenadering baseert de ICT-, IT- of digitale sector veelal op de resultaten van een aantal activiteiten die geclassificeerd worden volgens de standaard bedrijfsindeling (SBI). Deze indeling, gemaakt door het Centraal Bureau voor Statistiek, verandert niet vaak waardoor het soms onduidelijk is waar relatief nieuwe activiteiten onder worden geschaard. Zo zijn datacenterdiensten en hostingdiensten, webdiensten, en e-commerce diensten niet expliciet in de indeling terug te vinden. Dit maakt het lastig om de groei van deze activiteiten in perspectief te plaatsen. Ook kan onder invloed van digitalisering de oorspronkelijke kernactiviteit van een bedrijf veranderen van bijvoorbeeld een fysiek product naar een digitale dienst: is Uber een taxibedrijf of een digitale marktplaats voor vervoer?

De transactiebenadering als indicator voor de impact van digitalisering geeft een goede indruk van de omvang en de adoptiesnelheid waarmee fenomenen als e-commerce en datadiensten groeien.

Een combinatie van beide benaderingen komt ook voor; hier worden sector omzet en transactievolumes opgeteld om een completer beeld te creëren van de economische resultaten van digitalisering.

De groeiverwachtingen van de ICT-sector en digitale sector liggen 1,5 tot 3 keer zo hoog als de CPB-groeiverwachting t.a.v. het BBP. Weliswaar ligt de groei van de ‘traditionele’ ICT-sector (Hardware, Software, IT-diensten en Telecommunicatiediensten) wel op het niveau van de groei van het BNP, maar de groei van webdiensten, e-commerce diensten, hostingdiensten, content diensten en digitale platforms ligt hier ruim boven.

Consumer e-commerce groeide de afgelopen jaren met dubbele cijfers. In 2018 en 2019 zakt het groeitempo naar circa 5% tot een transactievolume van respectievelijk €24 en
€25 miljard. (SAP Ecommerce Foundation, 2019). Het aandeel van de digitale sector in het BBP is inmiddels gestegen naar 4,7%.

Verwachte Gemiddelde Jaarlijkse Groei %
BBP 2018 – 2025 1,7%
ICT sector (bestedingen) 2,7%
Digitale sector (omzet) 4,2%
Bron: CBS, CPB, The METISfiles
Benaming Waarde
ICT sector (besteding) € 35 Mld
IT sector (omzet) € 95 Mld
Digitale infrastructuur sector € 6 Mld
B2C e-commerce € 24 Mld
B2B e-commerce € 108 Mld
Bruto Binnenlands Product 2018 € 693 Mld
Bron: The METISfiles, ABN, CBS

Economische bijdrage

Naast de groei van de digitale sector draagt digitalisering ook bij aan het verdienvermogen van overheid en bedrijfsleven. Het verdienvermogen is het vermogen van de beroepsbevolking om waarde te creëren voor de Nederlandse economie. Digitalisering vergroot die toegevoegde waarde per eenheid arbeid doordat de arbeidsproductiviteit toeneemt. De laatste bewering heeft zich in het verleden moeilijk laten aantonen in de statistieken: “You can see the computer age everywhere but in the productivity statistics” (Robert Solow 1987).
In de studie “ICT and Productivity: A Review of the Literature” (EC, 2013), wordt ingegaan op de nieuwe methodieken die worden gehanteerd om de impact van ICT te meten. Zo wordt er tegenwoordig meer naar digitalisering op microniveau gekeken en naar de spill-over effecten van digitalisering. Daarnaast worden de effecten van digitalisering bestudeerd in de context van bijvoorbeeld digitale vaardigheden, digitale processen en management skills. Bovendien wordt nu vaker het gebruik van digitale technologieën bestudeerd dan enkel ICT-investeringen.
Het resultaat van nieuw onderzoek is dat er veel meer consensus is met betrekking tot digitalisering als drijvende kracht achter productiviteitsgroei. In de studie “The economic contribution of broadband, digitization and ICT regulation” (ITU 2018) wordt gesteld dat een groei van 1% op de ITU’s ICT Development Index (IDI) leidt tot een significante groei van de economie in de OECD-landen.
Voor Nederland betekent dit dat de stijging van de IDI in 2017 van 8.40 naar 8.49 (+1,1%) niet alleen resulteerde in een stijging op de IDI-ranglijst van de 10e naar de 7e plaats t.o.v. 2016 maar ook dat dit volgens het gehanteerde model zorgde voor een significante stijging van het BBP, de arbeidsproductiviteit en de totale factorproductiviteit. Aangezien de groei van arbeidsproductiviteit de motor is achter welvaartsontwikkeling, zetten overheden en bedrijfsleven volop in op digitale transformatie.
Bron: ITU 2019
Impact van 1% IDI-groei op de Nederlandse economie
Bron: ITU 2019

Bijdrage aan de werkgelegenheid

De impact van digitalisering op de Nederlandse economie kan gezien worden als een combinatie van de omvang en groei van de faciliterende sectoren (IT, telecommunicatie, digitale infrastructuur, IT-dienstverlening, hosting, web, datacenter, e-commerce e.d.). Ook kan de impact worden gezien als de toegevoegde waarde van digitalisering op de gehele economie. Samen vormen zij de digitaal toegevoegde waarde. De intensiteit waarmee gebruik wordt gemaakt van digitale technologieën door de werkzame beroepsbevolking is hierbij bepalend.

In 2017 onderzocht The METISfiles voor NL Digital de ICT-intensiteit van de Nederlandse werkzame beroepsbevolking voor 262 branches in 12 functiegebieden. De uitkomst van dit onderzoek liet zien welk percentage van de werkzame beroepsbevolking voor meer dan 50% van hun tijd gebruik maakt van ICT voor het uitoefenen van hun taak. Dit deel vormt de digitale beroepsbevolking. De omvang hiervan bedroeg in 2019 25% van de werkzame beroepsbevolking.

Voor 2020 wordt verwacht dat 26,5% van de totale beroepsbevolking digitaal gedreven zal zijn. Op basis van de structuur van de huidige economie zal de omvang van de digitale beroepsbevolking doorgroeien naar 2,9 miljoen in 2025, circa 36% van de totale beroepsbevolking.

De groei van de digitale beroepsbevolking kan worden versterkt bij een snelle adoptie van nieuwe technologieën als AI, machine-learning, 3D-printing, sensor-technologie.

Werkzame Beroepsbevolking *) (miljoen)
*) Werkzame beroepsbevolking die meer dan 12 uur per week betaald werk verricht
Bron: The METISfiles 2020
Werkzame Beroepsbevolking *) (miljoen)
Bron: The METISfiles 2020

Bijdrage aan het BBP

Naast het vaststellen van de digitale intensiteit is er ook de vraag wat digitalisering toevoegt aan de Nederlandse economie. Ofwel, welk deel van de toegevoegde waarde van de Nederlandse economie kan er op het conto van de eerdergenoemde 2 miljoen digitaal- intensieve werkzame personen worden geschreven? En hoeveel bedraagt de digitaal toegevoegde waarde? Literatuur suggereert dat de productiviteit van digitaal-intensieve beroepen hoger ligt dan die van ‘analoge’ beroepen.

Een eenduidig bewijs is er echter niet. Een studie van het CBS stelde dat ICT-intensieve sectoren een 18% hogere beloning geven aan hun medewerkers. Bovendien wordt deze 18% premium ICT-beloning al 5 jaar lang gemeten. Ook andere studies naar beloningsstructuren laten een premium zien voor digitaal-intensieve beroepen. Wel zijn er sterke verschillen per sector. De premium beloning voor digitale-intensieve beroepen en sectoren vertaalt zich in een hogere toegevoegde waarde per werkzame persoon.

Voor het berekenen van de digitaal toegevoegde waarde is gebruik gemaakt van de jaarlijkse, door het CBS geproduceerde, tabellen over de input en output voor 81 sectoren. De digitaal toegevoegde waarde wordt berekend door het totaal van de beloningen en sociale premies te relateren aan de digitale intensiteit en de gecorrigeerde ICT-beloningspremium. Het totaal van de digitaal toegevoegde waarde over alle 81 sectoren in 2019 bedraagt €242 miljard. Dit is ruim 33% van alle in Nederland toegevoegde waarde in 2019.

Waarde Digitale Economie (€ miljard)
Bron: The METISfiles 2020
Aandeel digitaal toegevoegde waarde in het BBP
Bron: The METISfiles 2020

De digitale voetafdruk

In studies over de functie van luchthaven Schiphol en havengebied Europoort voor de Nederlandse economie wordt vaak gewezen op de uitstralingseffecten in termen van werkgelegenheid en toegevoegde waarde. Daarbij wordt onderscheid gemaakt naar de directe, indirecte en geïnduceerde bijdrage. Deze effecten (het Schiphol en Rotterdam effect) ontstaan door de aantrekkingskracht die deze mainports uitoefenen op de vestiging van gerelateerde bedrijven en activiteiten. Ze worden geschaard onder de “bredere economische effecten” van een mainport op de regio.

De directe impact van digitalisering op de werkgelegenheid en toegevoegde waarde kwam in 2019 uit op 2 miljoen werknemers (de werkzame digitale beroepsbevolking) en €242 miljard aan digitaal toegevoegde waarde. De invloed van digitalisering reikt echter verder. De totale digitale voetafdruk (het totaal van de directe, indirecte en afgeleide effecten) kan door middel van een standaard input-output model worden berekend.
Het model berekent drie typen effecten bij een verandering van de digitale intensiteit in een sector:
Inclusief de indirecte en afgeleide effecten bedraagt de totale digitale voetafdruk in 2019 €460 miljard aan toegevoegde waarde en 3,3 miljoen banen.
ICT voetafdruk Toegevoegde Waarde 2019 (€ miljard)
Bron: The METISfiles 2020
ICT voetafdruk Werkgelegenheid 2019 werkzame personen (€ miljoen)
Bron: The METISfiles 2020

Toegevoegde waarde per sector

de digitale voetafdruk
Omdat digitalisering per sector sterk verschilt, is ook de digitale voetafdruk niet gelijk. De landbouwsector is nauwelijks gedigitaliseerd terwijl banken bijna maximaal gedigitaliseerd zijn. Daar staat tegenover dat het relatieve groeipotentieel van digitalisering in de landbouw groot is. De druk op milieu en productiviteit dwingt de landbouw tot toepassingen van digitaal gedreven oplossingen die enerzijds CO2 en stikstof reduceren en anderzijds de productiviteit laten groeien.
Uit de impactanalyse komt naar voren dat de sectoren zakelijke en financiële dienstverlening, de meeste digitale waarde toevoegen. Gezamenlijk zijn ze goed voor bijna 50% van de totale digitale voetafdruk. In beide sectoren draait de core business om data, informatie en kennis, en leent zich dus bij uitstek voor digitalisering.

Impact digitalisering op de toegevoegde waarde per sector 2019 (€ miljard)

Bron: The METISfiles 2020

Werkzame beroepsbevolking per sector

de digitale voetafdruk

Het dienstverlenende karakter van de Nederlandse economie wordt weerspiegeld in de werkzame digitale beroepsbevolking. De zakelijke dienstverlening laat de grootste voetafdruk zien bij de werkgelegenheids- effecten van digitalisering. Van het totale digitaliseringseffect van ruim 3,1 miljoen werkzame personen is de zakelijke dienstverlening voor meer dan een kwart verantwoordelijk.

Naast deze sector leveren ook de financiële dienstverlening en ICT-sector een belangrijke bijdrage aan de totale voetafdruk. Gezamenlijk zijn de drie sectoren goed voor 43% van het totale werkgelegenheidseffect. Het totale werkgelegenheidseffect van de primaire sector (landbouw en mijnbouw) vormt minder dan 1% van de totale voetafdruk.

Impact digitalisering op de werkgelegenheid 2019 werkzame beroepsbevolking* 1000

Bron: The METISfiles 2020

Digitalisering is goed voor Nederland

In een studie van het CBS uit 2017 ‘Digitalisering en Arbeid’ wordt over een periode van 15 jaar ICT-intensiteit afgezet tegen productiviteit en beloning. De resultaten laten zien dat digitalisering tot een substantieel hogere productiviteit leidt in ICT-intensieve sectoren. Ook beloning voor de werkzame personen in de ICT-intensieve sectoren lag substantieel hoger dan het gemiddelde beloningsniveau voor alle sectoren.

Hogere productiviteit (2001-2015)
61% verhoging in de ICT sector
21% verhoging in ICT intensieve sectoren
7% verhoging in ICT luwe sectoren

Hogere beloning (2001-2015)
43% hoger dan gemiddeld in de ICT sector
18% hoger dan gemiddeld in ICT intensieve sectoren

Bron CBS, Digitalisering en Arbeid, 2017

Nederland is goed in digitalisering

De bijdrage die digitalisering daadwerkelijk levert aan het BBP hangt sterk samen met een aantal basisvoorwaarden. Deze basisvoorwaarden hebben betrekking op factoren die de ontwikkeling van een digitale economie in positieve zin beïnvloeden: de aanwezigheid van een beroepsbevolking met de juiste digitale vaardigheden, een goede digitale infrastructuur, een gunstig economisch klimaat, toegang tot digitale netwerken, wetgeving, e.d. Verschillende organisaties hebben op diverse manieren naar deze basisvoorwaarden gekeken om zo een internationale vergelijking te kunnen maken.

In dit soort studies wordt via één cijfer inzichtelijk gemaakt waar een land staat in het digitaal-economisch spectrum. Nederland staat in deze index studies vrijwel altijd in de top-10. Dit geeft aan dat de uitgangspositie van Nederland in het internationale digitale perspectief uitstekend is. Gemeenschappelijke factoren voor de hoge rankings worden gevormd door een goede connectiviteit, de aanwezigheid van digitale vaardigheden en het open en stabiele karakter van de economie.

Nederland in internationaal perspectiefjaarplaats
B2C e-commerce Index20181e
Digital Economy and Society Index20183e
Global Competitiveness Index 4.020194e
World Digital Competitiveness Index20196e
ICT Development Index20187e
Digital Evolution Index 12e20172017
Global Competitiveness Index
Bron: Global Competitiveness Report 2019

Eén van de internationale vergelijkingsstudies waarop Nederland hoog scoort is de Digital Economy and Society Index (DESI) van de Europese Unie. Dit is een samengestelde index van indicatoren die enerzijds de digitale prestaties per land meet en anderzijds inzicht biedt in hoe landen zich verhouden en ontwikkelen in het internationale digitale concurrentieveld. Samen met Finland, Zweden en Denemarken vormt.

Nederland de kopgroep van landen op het gebied van digitalisering. De enige categorie waar Nederland niet in de kopgroep zit, is in de categorie ‘human capital’. Hier blijkt een krapte op de arbeidsmarkt m.b.t. ICT- specialisten en ICT-afgestudeerden ten opzichte van de koplopers Finland, Zweden en Estland. Overigens ligt de human capital score van Nederland wel boven het EU28 gemiddelde.

Hoewel de positie van de Nederlandse digitale economie sterk is, waarschuwt The Fletcher School of Economics westerse economieën voor de wet van de remmende voorsprong. De Nordics, Benelux, maar ook de U.S. en Canada, dreigen achterop te raken ten opzichte van met name Aziatische landen door een gebrek aan innovatiesnelheid.

Digital Economy and Society Index (DESI) 2019
Bron: European Commission, Digital Scoreboard

Digitalisering en overheidsbeleid

Overheden en beleidsmakers onderkennen het belang van digitalisering en de fundamentele bijdrage die deze levert aan economie en maatschappij.

In veel landen zoals bijvoorbeeld Groot- Brittannië, België, Frankrijk en Duitsland, maar ook in Nederland wordt specifiek beleid ontwikkeld om een omgeving te creëren waarin digitaliseringskansen optimaal kunnen worden benut. In de Digitaliseringsstrategie 2.0 zet de Nederlandse overheid in op drie ambities: digitaal koploper worden in Europa, digitale inclusie (iedereen moet meedoen) en digitale veiligheid & privacy. De strategie en de projecten die hieruit voortvloeien

missen echter belangrijke componenten. Zo wordt wel over het belang van connectiviteit gesproken maar blijft de rest van het digitale fundament (datacenters en cloud- en hostingbedrijven) achter. Dit terwijl deze factoren evenzeer de motor van de digitale economie zijn. Ook wordt er in de nota op het gebied van connectiviteit een sterke focus gelegd op 5G en glasvezel maar blijft de belangrijke rol en dynamiek van internationale datalijnen (zeekabels) buiten beschouwing. De Amsterdam Internet Exchange (AMS- IX) wordt in de nota niet genoemd terwijl het een cruciaal onderdeel is van de digitale infrastructuur.

Land Jaar Titel digitale strategienota
Nederland 2019 Digitaliseringsstrategie 2.0
Groot Brittannië 2017 UK Digital Strategy
Belgie 2018 Belgium Digital
Duitsland 2019 Digitalisierung gestalten: Umsetzungsstrategie der Bundesregierung
Frankrijk 2017 Stratégie Internationale de la France pour le numerique
Denmark 2016 A stronger and more secure Digital Denmark
Zweden 2017 For a sustainable digital transformation in Sweden – a Digital Strategy
Finland 2018 Digital infrastructure strategy: Turning Finland into the world leader in communications networks
Bron: The METISfiles 2020

In de digitaliseringsstrategie van de Nederlandse overheid wordt zwaar ingezet op ‘Smart Industry’. Het doel van deze agenda is om de hoogwaardige digitale infrastructuur in Nederland te benutten voor de digitale transformatie van de industrie via publieke/ private samenwerkingsverbanden tussen netwerken en clusters.Tot 2017 werd in totaal € 163 miljoen in dit initiatief geïnvesteerd.

De focus op Smart Industry heeft zich o.a. vertaald in de oprichting van 35 Smart Industry Fieldlabs voor het huisvesten van productiefaciliteiten. Daarnaast zijn ook vijf regionale Smart Industry Hubs opgericht met als doel samenwerking te entameren tussen bedrijven en organisaties uit een breder spectrum van de industrie.

In de Smart Industry agenda wordt nadrukkelijk ingegaan op sectoroverstijgende activiteiten die zich uitstrekken naar de bouw en chemische industrie. Hierbij richt men zich op drie prioriteiten:
Bron: Nederland Digitaal 2018

Digitale transformatie

Als de digitale economie de bestemming is, dan is digitale transformatie de reis er naartoe. Digitale transformatie is het strategisch inzetten van digitalisering in alle onderdelen van een organisatie om zakelijke processen en klantervaringen fundamenteel te verbeteren en op een juiste manier omgaan met veranderende marktomstandigheden. De groeiende datastromen die hiervan het gevolg zijn, leveren op hun beurt weer de input om klantervaring en bedrijfsvoering te optimaliseren. De noodzaak tot digitale transformatie is bedrijven duidelijk: ‘if you are not at the table you are on the menu’.

Nederlandse bedrijven scoren in Europa het hoogst wat betreft digital transformation enablement: een door de EC samengestelde sub-index van de DESI met indicatoren over digitale infrastructuur, investeringen en toegang tot kapitaal, vraag en aanbod van digitale kennis en kunde, digitaal leiderschap en ondernemerscultuur.

Digital Transformation Enablers Index
Bron: EU 2017, section 4 of the Digital Economy and Society Index

Het digitale economiemodel

Eén manier om naar de digitale economie te kijken is om deze als een model te beschrijven met daarin de actoren, subjecten en context. Dit model van de digitale economie is opgebouwd als een gelaagde keten waarbinnen onderscheid wordt gemaakt tussen sectoren en componenten die digitale infrastructuur beschikbaar stellen, digitale diensten creëren, en/of digitale diensten/ infrastructuur afnemen. De digitale infrastructuur (digital delivery) bestaat uit de handelswaar data, de netwerksector, de datacentersector en de cloud- en hostingsector. 

Digitale diensten worden gecreëerd door software en digitale bedrijven (digital creation). Digitale data, infrastructuur en diensten worden afgenomen door het bedrijfsleven, de consument, en de overheid (digital consumption). Dit gebeurt onder andere door middel van het koppelen van on-premise IT-infrastructuur en apparaten zoals smartphones, tablets en sensoren met cloud computing en SaaS aanbieders.

Model: Digitale Economie Model ontwikkeld door Dutch Data Center Association, Dutch Hosting Provider Association , ISPConnect, The METISfiles